Zomertijd – wintertijd
Hoe ondersteun je jezelf als de klok een uur terug of vooruit gaat? De overgang naar de zomertijd of wintertijd lijkt in eerste instantie slechts een kleine aanpassing van de klok, maar fysiologisch gezien vraagt het behoorlijk wat van het lichaam. Eén uur verschil kan je dagelijks ritme flink verstoren. Dit kan leiden tot o.a. vermoeidheid, concentratieproblemen, hoofdpijn, prikkelbaarheid en problemen met je slaapritme. Volgens de Chinese Geneeskunst (TMC) werkt ons lichaam volgens een energetische klok, ook wel orgaanklok genoemd. Deze bestaat uit twaalf meridianen. Dit zijn energiebanen die elk verbonden zijn met een orgaan of een systeem in het lichaam, zoals bijvoorbeeld de nieren, de galblaas of de longen. Iedere meridiaan heeft dagelijks een periode van twee uur waarin de energie op zijn hoogtepunt is. In die fase is het betreffende orgaan het meest actief, maar ook gevoeliger voor verstoringen. De orgaanklok verloopt in een vaste volgorde van 24 uur. Zo is de blaas-meridiaan het meest actief tussen 15 en 17 uur, de nier-meridiaan tussen17 en 19 uur, en bijvoorbeeld de longmeridiaan van 3 tot 5 uur in de nacht. De energie beweegt zo als een vloeiende golf door het lichaam, dag in dag uit. Omdat dit systeem zo nauwkeurig op elkaar afgestemd is, kun je je voorstellen dat een plotselinge verandering, zoals de overgang naar de zomertijd impact heeft. Dit geldt ook voor de overgang naar de wintertijd of het verschil in tijd met reizen. Wanneer de klok een uur vooruit of achteruit gaat, verschuift als het ware ook het ritme waarop je lichaam gewend is te functioneren. De meridianen moeten zich aanpassen aan een nieuwe timing, terwijl het lichaam nog in het oude ritme zit. Dat is de reden waarom sommige mensen zich in deze periode vermoeider, onrustiger of uit balans kunnen voelen. Tijdelijk lopen je biologische en energetische klok niet synchroon. Wat je kan doen om deze overgang te ondersteunen? Instructie: Bepaal eerst hoe laat het op dit moment is. Kijk vervolgens welk nummer bij dit tijdstip hoort in het rijtje. Zoek dit nummer op in het overzicht en begin met het masseren of zachtjes tappen van de bijbehorende punten, gedurende ongeveer 15–20 seconden aan beide zijden van het lichaam. Ga daarna door naar het volgende nummer en behandel ook deze punten. Volg deze volgorde verder tot je alle punten hebt gehad. Voorbeeld: Is het 16:00 uur, dan start je met punt 5 (op de kleine teen). Vervolgens ga je naar punt 6 (onder het sleutelbeen), daarna naar de punten 7 t/m 12 en tot slot naar de punten 1 t/m 4. Je kunt deze oefening meerdere keren per dag herhalen. Het totale proces duurt slechts enkele minuten. Aanvullende tips om jezelf te ondersteunen:





